| Adverteren | Over Ons |  Contact | 

 

Behendigheid

door Jan Zaal

behendigheid of ‘agility’ is een hondensport waarbij de hond zo snel en behendig mogelijk een hindernisparcours aflegt.

Algemeen

Behendigheid is een sport met een hoge plezierfactor voor zowel geleider (handler) als hond.
Het parcours met zijn verschillende hindernissen doet een beroep op zowel de snelheid als op het atletische vermogen van uw hond.

Durf en doorzettingsvermogen zijn even belangrijk en de aangeboren leergierigheid van de hond wordt door deze sport gestimuleerd. Omdat de sport voldoet aan de behoefte van de hond zal deze met enthousiasme aan de behendigheidsport deelnemen.
De sport kan door jong en oud beoefend worden.

Het plezier van de hond staat voorop, maar ook in andere opzichten biedt de behendigheidsport veel voordelen. Tijdens de behendigheidstraining wordt de band tussen hond en baas steeds sterker. Hond en baas leren van elkaar en leren elkaar zo beter te begrijpen. Het beoefenen van deze sport resulteert daarom ook in een beter opgevoede hond. De hond kan in de behendigheidsport zijn energie en behoefte aan beweging kwijt. Tegelijkertijd is het een uitstekende manier om uw hond in optimale conditie te houden. Ook de baas zal trouwens over de nodige snelheid en conditie moeten beschikken om zijn hond te begeleiden en te sturen.

De behendigheidsport is een echte teamsport en alleen bij een goede verstandhouding tussen de hond en de handler zullen resultaten worden gehaald.

Het behendigheidparcours

Tijdens de behendigheidstrainingen leert de hond de toestellen kennen en went hij/zij aan het lopen van een behendigheidsparcours.

Bij behendigheidswedstrijd gaat het erom dat de hond een parcours van circa twintig hindernissen in een voorgeschreven volgorde foutloos en zo snel mogelijk aflegt. Tijdens trainingen varieert dat.
De handler mag de hond tijdens het lopen van het parcours met stem en door gebaren aanwijzingen geven. De handler mag de hond of hindernis echter niet aan raken. De hond moet dus heel goed leren om op gesproken aanwijzingen en op lichaamssignalen snel en op de juiste manier te reageren.

Bij behendigheid wordt een groot aantal verschillende hindernissen gebruikt.Deze doen een beroep op verschillende vaardigheden van de hond. De toestellen zijn te verdelen hoogte-en breedte sprongen, tunnels, raakvlaktoestellen en slalom(paaltjes).
Bij wedstrijden worden al deze toestellen in wisselende samenstelling gebruikt.Een goed behendigheidshond beheerst dus al deze toestellen.

Voor wie?

Tijdens de wedstrijden worden de honden in drie groepen verdeeld naar schouderhoogte te weten Small onder de 35 cm, Midi 35 t/m 43 cm en Large vanaf 43 cm.
De Golden Retriever zal dus als een large hond (vanaf 43 cm ) worden gezien en zodoende hoog springen. De hoogtesprongen die gesprongen moet worden, zijn 60 cm.De behendigheidsport is voor vrijwel alle honden geschikt. Alleen is het aan te raden uw Golden Retriever niet te zwaar te laten worden.Naast de lichaamsbouw, de kracht en de wendbaarheid van de Golden Retriever zijn ook andere eigenschappen belangrijk om te bepalen of een Golden Retriever geschikt is voor de behendigheid.

Veel Kynologenclubs of andere hondensportverenigingen bieden de mogelijkheid aan om een cursus behendigheid.op drie niveaus te volgen: een voor beginners, een voor gevorderden en een cursus voor wedstrijdlopers.
Vaak moet uw hond eerst een cursus Gedrag en Gehoorzaamheid hebben gevolgd, voor hij/zij aan een behendigheidscursus kan deelnemen, maar de toelatingseisen verschillen per vereniging. Na het volgen van een cursus kunt u met uw hond deel gaan nemen aan wedstrijden, maar u kunt de behendigheidsport ook recreatief beoefenen. Voor de hond zal in ieder geval altijd het spel op de voorgrond moeten staan. Als de hond er plezier aan beleeft, zal hij/zij optimaal presteren. Winnen of verliezen is voor de hond niet belangrijk, als zijn baas maar tevreden is.
Beschouw de behendigheidsport dus ook zelf in de eerste plaats als een manier om op een leuke manier actief met uw hond bezig te zijn.

Toelatingseisen:

De hond moet minimaal 1 jaar zijn (rasafhankelijk) en er moet appél op de hond staan (Elementaire Gehoorzaamheid of in overleg).

Beginners:
Hier ligt de nadruk vooral op het aanleren van diverse toestellen door de hond en het begeleiden hierbij door de baas:

  • Vooruitsturen van de hond
  • Attentiecommando
  • Het wegdraaien van de handler
  • Het wegsturen van de hond
  • Bij het aanleren worden de toestellen waar mogelijk, aangepast (bv. een schutting die laag wordt gehouden evenals de hoogtesprongen, breedtesprongen die smal worden opgesteld enz.)
  • De slalom wordt aangeleerd door middel van de channel-wire methode.
  • Gaandeweg leren hond en handler steeds beter om meerdere toestellen achter
    elkaar te nemen.

Gevorderden:

  • Aanleren verdere handlingstechnieken
  • Aandacht voor de zgn. wissels zoals de klassieke Belgische en Franse Wissel, Duitse draai e.d.
  • Het uitbreiden en verfijnen van wat tot nog toe aangeleerd is
  • Meer nadruk op het wedstrijdlopen